Categories
Het Filosofisch Diner

Plantenblindheid

66 miljoen jaar geleden zorgde een meteorietinslag voor het uitsterven van een groot deel van het leven op aarde, met name van de dinosauriërs. Waar we echter maar zelden bij stilstaan, is dat ‘leven’ hier altijd gedefinieerd wordt in termen van dierenleven. Een groter deel van de planten overleefde namelijk wél. Dit is tekenend voor de blinde vlek die we als mensen hebben ten opzichte van het plantenrijk. We hebben weinig oog voor de vermogens van planten, of het nou gaat om hun overleven, hun aanpassing of hun vormen van communicatie en sociaal gedrag.

Over deze ‘plantenblindheid’ ging het tijdens een Filosofische Matinee in het Pinksterweekend. Wat betekent deze vooringenomenheid tegen planten precies? Op welke wijze vertonen planten tekenen van intelligentie? En wat zegt dat over onze verhouding met planten?

In de tuin van nomadisch filosofe Renate Schepen bespraken we deze vragen, toepasselijk omgeven door veel groen, dat mogelijk stilletjes meeluisterde. Renate bevroeg plantenkenner Martin Kullik op het thema; hij liet zien dat planten tot veel meer in staat zijn dan we doorgaans denken, maar ook dat ons gebrek aan kennis een bedreiging vormt voor veel plantensoorten. En waar we bedreigde diersoorten nog voor uitsterven willen behoeden, vergaat veel planten dat lot in stilte.

De belangrijkste vraag van de middag was daarmee eigenlijk: hoe ontdoen we ons van plantenblindheid? Daartoe trokken we duinen rond Egmond aan Zee in om letterlijk de ogen te openen voor de plantenrijkdom om ons heen. Daar troffen we natuurlijk duindoorn, maar ook wolfsmelk, wilde asperge en nog vele andere planten waarvan ik de namen ben vergeten – mijn blindheid is nog niet geheel verholpen.

Terug in de tuin praatten we na met heerlijk plantaardig eten en gefermenteerd sap van de vitis vinifera of wijnstok (deze drank kennen we beter als ‘wijn’). Dat is een plant waarvoor we in bepaald opzicht in elk geval minder blind zijn. Nu nog oog krijgen voor de rest.

Categories
Het Filosofisch Diner

Een avondvullende 2 minuten

We verliezen de waarde van rituelen steeds meer uit het oog in een samenleving waar rationaliteit de boventoon voert en spiritualiteit op een zijspoor staat. Terwijl rituelen ons in staat stellen om grip te krijgen op wat groter is dan wij, om houvast te zoeken en om structuur te vinden waar die ontbreekt. Niet om controle te hebben over ons leven, maar juist om betekenis te vinden.

Tijdens een bijzondere editie van Het Filosofisch Diner op 4 mei hield theoloog Rikko Voorberg een vlammend betoog voor het (her)scheppen van rituelen. Rituelen ontstaan niet vanzelf, we moeten daar plaats voor maken en aandacht aan schenken. Het in bescherming voeden en laten groeien, omdat we ermee betekenis geven aan het ongemak in het leven – verlies, rouw, verdriet.

Geen beter moment om het daarover te hebben dan op 4 mei, een dag die in het tekens staat van het herdenken en die nationaal gedragen rituelen kent, die echter ook door tijd en omstandigheden veranderen. Zo werd Het Filosofisch Diner zelf een nieuw ritueel, een maaltijd rond de twee minuten stilte om acht uur. Vorm en inhoud vielen samen in een avond waar het herdenken activiteit en gespreksonderwerp tegelijk was.

Daar kwamen vervolgens mooie persoonlijke verhalen uit voort over de betekenis van rituelen, van het ervaren van de twee minuten stilte en het zingen van het Wilhelmus tot aan simpele alledaagse rituelen die de start of het einde van een dag markeren. Zo werd een thema dat we vaak als ingewikkeld en ongrijpbaar beschouwen tastbaar en invoelbaar. Een experiment dat slaagde, puur om het feit dat het werd uitgevoerd.

Categories
Column Het Filosofisch Diner

De maaltijd als herdenking

De vrijheidsmaaltijd op 5 mei is in tien jaar tijd iets van een traditie geworden om vrijheid te vieren. Gezamenlijk eten is het ritueel waarin we onze vrijheid in de praktijk brengen; het feit dát we samen met anderen, meer maar ook vaak mindere bekenden, kunnen samenkomen om eten te delen, is al een bijzondere vrijheidspraktijk.

Zo goed als rituelen een grote rol spelen in het vieren van vrijheid op 5 mei, doen ze dat, misschien nog wel in sterkere mate, op 4 mei, wanneer de slachtoffers van oorlogsgeweld worden herdacht. Daar tegenover staat dat er een brede consensus is over wát er op 5 mei wordt gevierd, terwijl er over het herdenken op 4 mei altijd al (scherpe) discussie bestaat.

Wat gebeurt er dan als je het eten niet als viering, maar als herdenking ritualiseert? Als je het gesprek aan de eettafel als uitgangspunt neemt om te definiëren wie je herdenkt en waarom je herdenkt, om daarna de daad van het herdenken bij het woord te voegen. Leert dat iets over de waarde en betekenis van herdenken? En past de aangename praktijk van het eten, dat we liefst met smaak doen, bij de verstilde en beladen sfeer van het herdenken?

Ik vermoed van wel; eten is niet alleen het voeden van het lichaam en een daad die genot moet brengen. De maaltijd is ook een moment van bezinning en reflectie. Om als het ware te verteren wat is gebeurd. Te oefenen in dankbaarheid voor wat anderen niet konden krijgen. En om gezamenlijk te beklinken dat we ons best doen om het oorlogsleed in de wereld te beperken.

Op 4 mei spreekt Rikko Voorberg tijdens Het Filosofisch Diner over rituelen en herdenken. Bestel je kaarten hier.

Categories
Het Filosofisch Diner

De waarheid over waarheidszoekers?

Op woensdag 30 maart kwam een select gezelschap mensen samen om eens en voor altijd de waarheid over complotdenkers boven tafel te halen. Wie zijn deze mensen die in werkelijk alles wel een kwaadaardige samenzwering vermoeden?

Toegegeven, zo ging het niet helemaal tijdens het meest recente Filosofische Diner. In tegenstelling tot complotdenkers zoeken we tijdens Filosofische Diners namelijk niet naar bevestiging van wat we al (denken te) weten, maar juist naar nieuwe vragen daarover. Dus was men het er weliswaar over eens dat complotdenkers weinig goeds bijdragen aan de wereld, over het hoe en waarom waren de meningen toch aardig verdeeld.

En daarom werden er kritische vragen gesteld bij het scherpe betoog dat Cees Zweistra hield, om aan te tonen dat complotdenkers bewust kiezen om een eigenlijk werkelijkheid te stichten, een die onze échte leefwereld schade berokkent. Want zijn het niet huist de omstandigheden in de wereld waarin de complotdenker is opgegroeid, die deze keuze voeden? En is het daarmee niet een specifieke groep mensen, die op welke manier dan ook zijn achtergesteld, waardoor ze radicaliseren? En valt er daarmee niet een vorm van begrip op te brengen, niet voor het complotdenken zelf, maar wel voor de achterliggende redenen?

Het is een moeilijk thema, zo werd wel duidelijk. Niet in de laatste plaats omdat het zo actueel, maar ook zo nabij is. Iedereen kent wel iemand die van tenminste één complot overtuigd is. En niemand schildert zijn naaste graag als kwaadaardig af. Dus zoeken we toch graag naar het goede in de mens, zelfs als die in een andere waarheid leeft dan wij…

Categories
Het Filosofisch Diner

Spelenderwijs emanciperen

Feminisme gaat over vrijheid en onafhankelijkheid. Het bepleit dat de vrouw haar eigen keuzes maakt in een praktijk die niet door mannen wordt gedomineerd. Dat inzicht deed ik op tijdens Het Filosofisch Diner van vorige week, dat thematisch vooruitliep op Internationale Vrouwendag, die vandaag wereldwijd gevierd wordt.

De Leidse filosofe Nathanja van den Heuvel liet zien dat in een wereld die we als bijzonder mannelijk kennen, die van het voetbal, vrouwen toch vrijheid ervaren. Ze worden er doorgaans streng langs een meetlat gelegd, krijgen zwaar onderbetaald ten opzichte van hun mannelijke medesporters en ontvangen lang zoveel erkenning niet; waarom al die offers voor een spelletje voetbal?

Precies omdat het een spelletje is, betoogde Van den Heuvel, gelden er andere waarden en regels dan in de echte wereld. Wat in de echte wereld belangrijk is – status, geld, gezondheid, sociale banden – speelt in de spelwereld geen rol. De offers voelen niet als offers; en op het moment dat vrouwen voetballen bevinden ze zich buiten het patriarchaat. Zelf vergeleek Van den Heuvel het treffend met haar ervaring van het voorgerecht dat ze net had gehad: een subliem kopje soep, dat zo fijn smaakte dat al het andere op de wereld er even niet meer toe deed.

Een interessante bevinding die op hele diverse terreinen geldigheid kan hebben. Niet alleen voor vrouwen, maar ook voor de queer community, mensen van kleur en zoveel andere groepen die vandaag de dag een emancipatiestrijd voeren. Is het ook een definitieve oplossing voor  de stelselmatige onderdrukking of uitsluiting van bepaalde groepen? Dat niet, vermoed ik… maar wel een begin van verzet. Dus: vier Internationale Vrouwendag op speelse wijze!

Categories
Column Het Filosofisch Diner

Over het bestaansrecht van dickpics

Hét woord van vorige week moet toch wel ‘dickpic’ zijn. De kranten stonden er vol van. Waarom zou je in godsnaam een dickpic aan iemand sturen? Hoe haal je het in je hoofd? Wat denk je ermee te bereiken? Deze vragen spookten ook door mijn hoofd, maar de antwoorden zijn filosofisch gezien eigenlijk niet zo interessant. Daarmee bedoel ik: ik kan geen ethische theorie bedenken waarbinnen het gedrag van Marc Overmars en vele, vele anderen wél als goed en deugdzaam worden beschouwd.

Daarom boog ik me een vraag die lastiger te beantwoorden is: Waarom bestaat de dickpic? Is er een context waarbinnen de dickpic zinvol kan zijn? Cabaretier Merijn Scholten inspireerde me met de PICBOT, een telefoonnummer waaraan je dickpics kunt opsturen en die daarop automatisch reageert met complimentjes in de trant van: ‘ziet er goed uit’.

Een interessant gedachte-experiment, want het roept de vraag op waarom iemand een dickpic verstuurt. Gaat het om een (shock)effect bij de ontvangende partij? Of draait het alleen maar om een vorm van zelfbevestiging? In dat laatst geval zou het best van pas komen om een appservice te hebben waar je dickpics in kunt gooien in ruil voor automatisch gegenereerde complimentjes. Een beetje vergelijkbaar met bestaande ideeën om virtuele kinderporno te ontwerpen zodat potentiële kindermisbruikers zich niet aan echte kinderen vergrijpen. De stoom is van de ketel en niemand die er last van heeft (zou moeten hebben).

Ik vrees alleen dat het niet volstaat. De echte narcist of machtswellusteling heeft échte mensen – vrouwen in dit geval – nodig om naar beneden te trappen. Bovendien houdt een ‘PICBOT’ de bestaande cultuur in stand. En die is juist zo hard aan verandering toe…

Op 2 maart spreekt Nathanja van den Heuvel over de rol van  vrouwenvoetbal in de emancipatie. Bestel je kaarten hier.

Categories
Eettip Het Filosofisch Diner

Kosmische salade

Omdat de regering de avond heeft afgeschaft, is Het Filosofisch Diner voorlopig een lunch. Dus kwam afgelopen zondagmiddag een groep geïnteresseerden bij elkaar om te filosoferen over de rol van de evolutietheorie in de filosofie. Pouwel Slurink, wiens boek Aap zoekt zin ik vorige week besprak, zette in razend tempo uiteen hoe een denken ‘vanuit’ (in plaats van ‘over’) de evolutietheorie een groot deel van onze vragen naar de zin van ons bestaan bevredigend en degelijk kan beantwoorden.

Knap lastige materie, maar in een levendig gesprek vielen de puzzelstukjes langzaam op hun plek. Enerzijds noopt de evolutie tot bescheidenheid – want we denken als zelfbewuste apen graag dat we méér zijn dan vissen of insecten, maar in feite is onze totstandkoming een net zo groot toeval als het bestaan van andere diersoorten. Alleen zijn wij ons er iets bewuster van.

Anderzijds betekent ons bestaan als keten in een evolutionair proces niet dat het zinloos is. Want zingeving is iets wat we ervaren wanneer het project van ons eigen leven in overeenstemming is met de belangen van de groep waartoe we behoren. Deel van onze natuurlijke drang om onze genen door te geven. De angst dat een meer natuurwetenschappelijke inkadering van de filosofie leidt tot de conclusie dat niets ertoe doet, is dus ongegrond.

Wat eet je bij zulke grote vragen? Een goedgevulde salade natuurlijk, die precies de elegantie en complexiteit van de evolutietheorie illustreert. Met veel ingrediënten (aubergine, boerenkool, pompoen, pastinaak, spinazie, paprika, tomaat, ui, maar ook verschillende granen, noten en geitenkaas), zodat je denkt: hoe kan dat iets worden? Maar als het resultaat bekijkt (en proeft), blijkt dat dat het wérkt; de som is groter dan zijn losse delen, er is iets ontstaan wat er eerder nog niet was.

Categories
Het Filosofisch Diner

Als dat vriendschap is…

Wat is vriendschap? Het is frappant dat deze klassieke en oeroude vraag blijft prikkelen; dat is waarschijnlijk mede omdat we een bevredigend of in elk geval sluitend antwoord nooit zullen vinden. Desondanks blijven we de vraag vol goede moed en hoop op nieuwe inzichten stellen.

Dat blijkt wel uit Het Filosofisch Diner van november dat aan deze vraag was gewijd. Het was de best bezochte editie ooit (!), hoewel niet alleen het thema, maar ook de spreker aan de hoge opkomst zal hebben bijgedragen. Paul van Tongeren, sinds een half jaar bekroond met de titel Denker des Vaderlands, publiceerde onlangs een boek over vriendschap en was bereid een poging te doen om dat tijdens Het Filosofisch Diner kort te reproduceren.

Van Tongeren liet zich gidsen door twee filosofen op wiens gebied hij een expert is – Aristoteles en Nietzsche – aangevuld met anderen uit de geschiedenis van de westerse filosofie die hun duit in het zakje van de vriendschap hadden gedaan. Heel in het kort (en dan doe ik zijn verhaal toch wat geweld aan) bevatte zijn pleidooi een waarschuwing en een aanmoediging: wees voorzichtig om niet te veel te denken over vriendschap, want daarmee riskeer je dat je een ideaal schept van de ware vriend, die nooit in werkelijkheid kan bestaan; maar laat dat er er niet van weerhouden om toch over vriendschap na te denken, want dat denken ontstaat vanzelf.

Die boodschap was lastiger te verteren dan de heerlijke maaltijd die vervolgens op tafel kwam, want wij hunkeren nou eenmaal naar antwoorden – naar weten in plaats van denken. De zoektocht werd bijna tastbaar, er hing iets ongrijpbaars in de lucht. Hoe kan dat nog worden gevangen of verwerkt?

Gelukkig was daar de nieuwe huis-singer-songrapper Benjamin Fro, die met een paar liedjes geschreven over, voor en met zijn eigen vrienden het thema in geluid en woord wist te belichamen. Antwoorden waren er nog steeds niet, maar iedereen wist dat het goed zat.

Categories
Column Het Filosofisch Diner

Hoe filosofen keuzes maken

Gisteren moest een Filosofisch Diner plaatsvinden. Het mocht helaas niet zo zijn; door een gebrek aan aanmeldingen zag ik me gedwongen de avond af te blazen. Ik troost mezelf met de gedachte dat het pas de tweede keer in vijf jaar tijd is; en dat men sinds twee weken met zo’n inhaalslag bezig is van alles wat er niet kon op cultureel gebied het afgelopen jaar, dat er een totale verzadiging plaatsvindt.

In elk geval was het jammer, maar ik blijf altijd een filosoof, dus het was ook interessant. Ik zag mezelf geplaatst voor een keuze – wel of niet laten doorgaan – waarvan de uitkomst hoe dan ook onbevredigend zou zijn. Hoe maak je zo’n keuze? Welke factoren wegen mee? Wiens belangen spelen er mee? En kun je voorzien welke gevolgen je keuze zal hebben?

Al schrijvend vind ik mezelf weer in de collegebanken waar talloze filosofen en gedachtenexperimenten de revue passeren die ieder op eigen wijze laten zien hoe we keuzes maken  Frappant genoeg zegt dat gelijk ook veel over de afstand tussen academische filosofie en alledaagse werkelijkheid. Die afstand is namelijk precies wat je nodig hebt om de ‘ideale’ weloverwogen keuze te maken; in the heat of the moment gaat dat proces veel intuïtiever en mogelijk helemaal niet op de juiste gronden. Zie het filmpje hieronder waarin het fameuze ‘trolleyprobleem’ op de hak wordt genomen (en bekijk daarna de hele serie The Good Place, die bijzonder geestig én filosofisch is).

Precies zo kon ik de gevolgen van mijn keuze eerder deze week ook niet goed overzien. Het is pas nu, met enige afstand in tijd, dat ik vermoed er goed aan te hebben gedaan het diner te annuleren. Ik heb er in elk geval vrede mee – en ik heb er zelfs een blog aan kunnen wijden!

Het Filosofisch Diner –  Vrouwen in de filosofie 2 met Nathanja van den Heuvel wordt in 2022 opnieuw ingepland. De kaartverkoop zal binnenkort opnieuw van start gaan.

Categories
Het Filosofisch Diner Leestip

Hoe vrouwen de filosofie verrijken

Een tweeluik over vrouwen in de filosofie startte afgelopen woensdag met een Filosofisch Diner over drie vrouwelijke denkers van enkele honderden jaren geleden. Joyce Pijnenburg was in hun teksten gedoken en zorgde voor de eerst Nederlandse vertaling daarvan.

Uit die teksten, vaak poëtisch of literair, spreken opvattingen die vergelijkbaar zijn met die van het hedendaagse feminisme. Ze gaan uit van door mannen opgelegde tegenpolen (rationeel – irrationeel, beheerst – onbeheerst, ) die zouden kunnen worden toegeschreven aan het onderscheid tussen man en vrouw. Bekend verhaal, nietwaar?

Niet alleen liet Joyce aan de hand van deze teksten zien dat vrouwen al veel eerder ‘hun mannetje stonden’, door op vaak scherpe wijze bloot te leggen dat mannen zich doorgaans zelf schuldig maken aan wat ze vrouwen verwijten. Ook pleitte ze voor een meer holistisch filosofie – een denken waarin rationaliteit niet onverenigbaar is met het irrationele; waarin naast het louter cerebrale ook het liefdevolle en lustvolle een plaats heeft.

Wat volgde was een levendige discussie over liefde, lust en lichamelijkheid in de filosofie, maar ook de vraag of de term feminisme de tegenwoordige emancipatiestrijd nog wel dekt. En daarmee was de brug geslagen naar het tweede deel over vrouwen in de filosofie, dat op 6 oktober plaatsvindt. Dus wil je antwoorden (of meer vragen), schuif dan aan!

Joyce Pijnenburg, Pen, bed en habijt – Drie vrouwen over gender, seks en redelijkheid. ISVW Uitgevers. Verschijnt eind september.